donderdag 9 maart 2017

De poëzie van een enclave (verschenen)

DE POËZIE VAN EEN ENCLAVE



Vandaag verscheen bij uitgeverij De Wilde Tomaat in Amsterdam: De poëzie van een enclave, een boekje over een dorp, Oegstgeest, als literair thema. 



Jan Paul Hinrichs, De poëzie van een enclave.
Amsterdam: De Wilde Tomaat, 2017.
 isbn 978 90 824288 6 5.
Verkrijgbaar bij de boekhandel.
www.dewildetomaat.nl


[Tekst van de uitgeverij op de achterflap:]


In De poëzie van een enclave gaat Jan Paul Hinrichs op zoek naar sporen van zijn woonplaats Oegstgeest in de Nederlandse letteren. Jan Wolkers en F.B. Hotz zetten in hun welbekende romans en verhalen de toon, maar kasteel oud-Poelgeest, het Groene Kerkje, de psychiatrische inrichtingen Endegeest en Rhijngeest, het Zendingshuis en andere plekken komen in het leven en werk van nog veel meer schrijvers en dichters voor. Het gaat om J. van Oudshoorn, Nescio, Gerrit Achterberg, Hella Haasse, Jan Arends, W.F. Hermans, J.M.A, Biesheuvel, Frédéric Bastet, Maarten 't Hart en talrijke andere auteurs die voorheen niet eerder met het dorp in verband zijn gebracht. Het resultaat is een verrassend, vernieuwd beeld van de literair wellicht meest tot de verbeelding sprekende vierkante kilometer van ons land.


***
Trefwoorden: Jan Wolkers Terug naar Oegstgeest F.B. Hotz Geversstraat Albert Verwey De Olmen J. van Oudshoorn De Beukenhof Nescio Het Groene Kerkje Huizinga Muus Jacobse Klaas Heeroma Pieter Langendijk Jelgersmakliniek Gerrit Achterberg Jan Vermeulen Jan Arends Endegeest J.M.A. Biesheuvel A. Moonen Johann Wilhelm Schotman Luc Tournier M. Vasalis Willem Brakman Frank Koenegracht Johan Brouwer Oud-Poelgeest Augusta Peaux Herman Boerhaave Lloyd Haft Frédéric Bastet Willem Frederik Hermans Bergman E. du Perron Hella H. Haasse Redbad Fokkema Villa Eben-Haëzer J.B. Charles Kees Fens Maarten ‘t Hart Zendingshuis Rhijngeest
**

Enkele foto's die stonden bij een, nu verwijderde, blogversie van dit boekje
  
Oegstgeest, het bos van Endegeest, 14 juni 2013.

Foto © Jan Paul Hinrichs

Oegstgeest, rechts het Land van Bremmer, 15 november 2013.

Foto © Jan Paul Hinrichs

       
Het witte huis van de grootouders van
F.B. Hotz, Geversstraat 26, Oegstgeest,
29 september 2012.

Foto © Jan Paul Hinrichs
      
Geversstraat 26, Oegstgeest
29 september 2012.

Foto © Jan Paul Hinrichs

Oegstgeest, villa Eben-Haëzer,
15 november 2013.

Foto © Jan Paul Hinrichs



Society-gebeuren voor de ingang van De Beukenhof,
met medewerking van het tijdschrift Quote,
30 juni 2014. In november 2014 ging De Beukenhof
failliet. In april 2016 kwam er een herstart
als Villa Beukenhof.


Foto © Jascha Hinrichs
Kasteel Endegeest,
Oegstgeest, 14 november 2013.

Foto © Jan Paul Hinrichs




De plataan in het Oranjepark, Oegstgeest, 1 juni 2013.

Foto / Copyright © Jascha Hinrichs

Deutzstraat, Oegstgeest, links het inmiddels
gesloopte garagebedrijf van Van den Ameele, 
2 juni 2013.

Foto © Jan Paul Hinrichs


Garagebedrijf Van den Ameele is bijna
gesloopt, Oegstgeest, 11 juni 2013.
Rechts café De Gouwe.

Foto © Jan Paul Hinrichs


In het geboortehuis van Jan Wolkers,
Deutzstraat 7, Oegstgeest, 29 september 2012.
[Zie het bericht van 9 juni 2013 voor meer foto's van dit huis.]

Foto © Jan Paul Hinrichs

            
Uitzicht uit het geboortehuis van Jan Wolkers,
Deutzstraat 7, Oegstgeest, 29 september 2012.
[Zie het bericht van 9 juni 2013 voor meer foto's van dit huis.]

Foto © Jan Paul Hinrichs
Uitzicht uit het geboortehuis van Jan Wolkers,
Deutzstraat 7, Oegstgeest, 29 september 2012.
[Zie het bericht van 9 juni 2013 voor meer foto's van dit huis.]

Foto © Jan Paul Hinrichs



woensdag 8 maart 2017

Don-Aminado: Ook valsemunters hebben hun kosten (verschenen)

DON-AMINADO: OOK VALSEMUNTERS HEBBEN HUN KOSTEN

Vandaag verscheen bij uitgeverij Fragment in Leiden een vertaling van tweeënnegentig aforismen van Don-Aminado, pseudoniem van de Joods-Russische schrijver Aminad Petrovitsj Sjpoljanski (1888-1957). Hij werkte als advocaat en satirisch schrijver in Moskou en week na de revolutie uit naar Parijs.
Zijn aforismen, gedichten en feuilletons, die vooral  in kranten verschenen, genoten onder Russische emigranten een grote bekendheid. Na zijn dood was het decennia stil rond Don-Aminado. Rond de eeuwwisseling volgde een herontdekking van zijn werk in Rusland: talrijke heruitgaven verschenen. Zijn aforismen doen vaak algemeen menselijk aan, maar herkenbaar blijven de specifieke omstandigheden van het emigrantenbestaan die eraan ten grondslag liggen. Daarin ligt ook de originaliteit van dit werk, dat zich met al zijn sarcastische humor, gecomprimeerdheid en scherpzinnigheid met het beste in het aforistische genre kan meten.

Don-Aminado, Ook valsemunters hebben hun kosten. Uit het Russisch vertaald en van een nawoord voorzien door Jan Paul Hinrichs. Leiden: Fragment, 2017. 18 p. Oplage: 50 genummerde exemplaren. 

Zie verder de website van Uitgeverij Fragment.

dinsdag 14 februari 2017

Schoon & haaks [afl. 14]

SCHOON & HAAKS [AFL. 14]

In De Parelduiker staat vanaf nummer 2 van de jaargang 2014 de  rubriek ‘Schoon & haaks’ waarin ik publicaties van privédrukkers en marginale uitgevers bespreek. In de veertiende aflevering (2017, nr. 1) staan recensies van de volgende boeken:
  • Emmanuel Waegemans, Bibliografie van Russische literatuur in Nederlandse vertaling 1985-2015. Antwerpen: Benerus, 2016.
  • Joeri Olesja, Verhalen. Vert. Gerard van der Wardt. Amsterdam: De Wilde Tomaat, 2016.
  • Frans Erens, De heiligen en hun verering. Landgraaf: Os Moddersproak, 2016.
  • Frans Erens, En FranceDe Limburgse Tachtiger in de voetsporen van Taine. Landgraaf: Os Moddersproak, 2016.
  • J.M.A. Biesheuvel, Zwanezang. Woubrugge: Avalon Pers; 2016.
  • J.M.A. Biesheuvel, John P. en ik. Woubrugge: Avalon Pers, 2016

| Zie verder Jan Paul Hinrichs, ‘Schoon & haaks’, De Parelduiker 22 (2017), nr. 1, pp. 65-69.



dinsdag 17 januari 2017

F. Roosdorp: Kinderen (Recensie)

F. ROOSDORP EINDELIJK HERDRUKT
 
Frits Roosdorp (1874-1898), pseudoniem van Frederik Schröder, stierf luttele weken na de publicatie van zijn enige boek, Kinderen. Jean Frins bezorgt nu de eerste herdruk, met de inleiding die Van Deyssel schreef voor een uitgave die in 1942 niet doorging bij uitgeverij Oceanus. Amsterdammer Roosdorp was een protegé van Frans Erens die Kinderen  beschouwde als een ‘goed, een zeer goed boek. Over zijn onderwerp het beste in onze literatuur.’ Dit kleinood had inderdaad al lang een klassieker kunnen zijn: beelden uit de alledaagse onbevangen kinderwereld, van gewone kinderen uit ‘lage huisjes van de nauwe straat’. Roosdorp maakt het leven heel teer, soms haast te pijnlijk om te lezen: hoe kleine Lien voor de spiegel staat,  hoe Miepie een pop aankleedt, kinderen bij een dood zusje staan, een meisje in een weeshuis afscheid van grootmoeder neemt: ‘De dorre, dikke deur werd toegebeukt, het slot doorknapte droog en hard de koude luidloosheid der gangen. […] Ze hield haar tranen koen en krachtig binnen, ze wou, ze wou niet huilen gaan….’

F. Roosdorp, Kinderen. Landgraaf: Stichting Os Moddersproak, 2015. 49 p. € 10 (Brikkebekker 10 6372 DP Landgraaf fanmoddersproak@yahoo.com).
 
| Eerder verschenen in de rubriek 'Schoon & haaks' in De Parelduiker 21 (2016), nr. 1, pp. 66-67.

Louise Labé: Sonnetten (Recensie)

SONNETTEN VAN LOUISE LABÉ
 
Heeft de Franse dichteres Louise Labé (ca. 1524-1566), bijgenaamd ‘La Belle Cordière’ (‘de mooie touwslagersvrouw’), bestaan? Het lijkt ook haast te mooi: de schijnbaar beeldschone dochter en vrouw van een touwslager die Latijn en Italiaans leerde en in Lyon een literaire salon hield. In 2006 baarde Mireille Huchon opzien met haar boek Louise Labé: une créature de papier waarin ze de stelling verdedigt dat achter Labé zich een aantal mannelijke dichters uit Lyon verbergt. Velen blijven het oneens met haar maar de theorie duikt wel steeds op. Helaas staat hier geen woord over in het nawoord van Piet Thomas (1929) bij zijn vertaling van Labé’s Sonnetten, evenmin als over de juist zo interessante receptiegeschiedenis. Zo is Labé vertaald door Rainer Maria Rilke (die zelf ook door Thomas is vertaald, zie Het Getijdenboek, Ten Have, 2004). Ten onzent vertaalde  P.C. Boutens de sonnetten van Labé in een uitvoerig door P.N. van Eyck en Nijhoff besproken Stols-uitgave (1924), waarin hij melding maakt van een ‘schemeratmosfeer van overmatigen lof en laaghartigen laster’ rond de dichteres. Calvijn hield haar voor ‘een gemene hoer’. Op Boutens volgden andere Nederlandse vertalingen. Rudolf Escher zette Labé op muziek. Onlangs verscheen nog bibliofiel Sonnetten (Editie in de Roozetak, 2012), waarin vertalingen van Rilke en Paul Claes naast elkaar staan. Verder kunnen we alleen maar verheugd zijn over dit tweetalige boekje waarmee Joan Ter Maten met zijn uitgeverij De Wilde Tomaat een smaakvolle uitgavenreeks voortzet (zie De Parelduiker 2015/5). Thomas biedt gedegen vertalingen van alle vierentwintig sonnetten van Labé: hartstochtelijke, trotse, dwingend overkomende liefdeslyriek. Labé, vaak geportretteerd als feministe avant la lettre, blijft immer strijdbaar, als een Jeanne d’Arc van de liefde: ‘Hoe sterker Amor in de aanval gaat, / Hoe meer hij krachten schenkt en weerbaarheid: / Hij geeft ons frisse moed voor elke strijd.’

Louise Labé, Sonnetten. Vert. Piet Thomas. Amsterdam: De Wilde Tomaat, 2015. 70 p. € 12,50  (Overtoom 387-HS, 1054 JN Amsterdam dewildetomaat@ziggo.nl)
 
| Eerder gepubliceerd in de rubriek 'Schhon & haaks' in De Parelduiker 21 (2016), nr. 1, p. 66.

M.C. Escher en Samuel Jessurun de Mesquita (Recensie)

M.C. ESCHER EN SAMUEL JESSURUN DE MESQUITA
De Avalon Pers van Jan Keijser geeft al decennia Nederlandse auteurs bibliofiel uit: bekende en onbekende namen. Geerten Meijsing is regelmatig van de partij, net als J.M.A. Biesheuvel van wie nu Lieve Suus, beste Maarten uitkomt, een rede voor intimi bij de kiellegging van de Lemmer aak Maarten B. op 19 mei 1989. Ook grafische kunst heeft een nisje in het omvangrijke fonds, waarvan je nog altijd uitgaven tegenkomt die in geen Nederlandse bibliotheek aanwezig zijn. Willem Keizer documenteert in Eschers redding de rol van graficus M.C. Escher (1898-1972) bij de  redding van de prenten van zijn in Auschwitz vermoorde leermeester Samuel Jessurun de Mesquita (1868-1944). Op de Haarlemse School voor Bouwkunde, Versierende Kunsten en Kunstambachten was De Mesquita van 1920 tot 1922 Eschers leraar grafische vakken. Tot 1944 bleef hij hem opzoeken in zijn huis in de Watergraafsmeer. Keizer publiceert de uitvoerige brief van Escher aan graficus J.M. Prange waarin hij vlak na de bevrijding verslag doet van zijn bezoeken. De laatste keer zag hij De Mesquita in januari 1944. Zijn zoon Jaap was ‘toen nog steeds hoopvol gestemd omtrent hun lot als Portugeesche joden’. Vier weken later vond Escher ‘het huis verlaten, de voordeur open, de ramen ingeslagen’. Hij klom naar het atelier: ‘honderden grafische prenten lagen over de vloer, gescheurd en vertrapt ten dele. In 5 minuten tijd raapte ik (mijn hart bonsde in mijn keel) bijeen wat ik kon.’ Escher was net op tijd want de volgende dag werd het appartement onder Duitse leiding leeggehaald. Keizer gaat ervan uit dat Escher bij zijn reddingsactie ‘zeer selectief te werk ging’, zich richtte op het meest waardevolle en wel langer dan vijf minuten bezig moet zijn geweest. Zo valt het op dat alle 136 geredde prenten gesigneerd zijn. Toen een selectie in 1946 in het Stedelijk Museum werd tentoongesteld, liet Escher zijn eigen rol bij de redding van het oeuvre onvermeld. Een De Mesquita-prent met de afdruk van een Duitse soldatenlaars hing hij wel in zijn atelier. Ook Eschers brief aan Willem Sandberg is afgedrukt waarin hij in de tijd van de geldzuivering om een onderhoud verzoekt over de tentoonstelling: ‘Liefst vóór 2 October, dan kan ik eenige oude guldens nog voor een treinkaartje benutten.’ Het resultaat is een indrukwekkend oorlogsdocument waarin geen woord te veel staat.

Willem Keizer, Eschers redding van Samuel Jessurun de Mesquitas prentenschat. 2015. 19 p. € 25 | J.M.A. Biesheuvel, Lieve Suus, beste Maarten. 2015. 5 p. 90 ex. € 15. Uitgaven van de Avalon Pers (Leidse Slootweg 4, 2481 KH Woubrugge avalonpers@hetnet.nl).
| Eerder gepubliceerd in de rubriek 'Schoon & haaks' in De Parelduiker 21 (2016), nr. 1, pp. 64-66.

Rudi van der Paardt: essays (Recensie)

ESSAYS VAN RUDI VAN DER PAARDT
 
Classicus Rudi van der Paardt (1943) richt zich graag op de wisselwerking tussen klassieke en Nederlandse literatuur. In zijn essaybundel Over de veelzijdigheid van L.Th. Lehmann en andere Nederlandse auteurs, een semi-eigen beheer uitgave van de Gooibergpers,  vinden we dit perspectief terug in een essay over Plinius de Jongere en De Komedianten van Louis Couperus. Maar verder is het spectrum breder. Auteurs van eigen voorkeur staan centraal: Ida Gerhardt, L.Th. Lehmann, A. Alberts, S. Vestdijk, F.B. Hotz, Cees Nooteboom en Doeschka Meijsing. C. Buddingh’ is ook aanwezig. Voor velen zal ‘Bijzonder aardig, prima, prima’ (1978), de vernietigende recensie van W.F. Hermans van zijn dagboeken, de deur dicht hebben gedaan. Nu lezen we dat de kritiek Buddingh’ ook zelf kapot maakte. Rudi van der Paardt toont zich een academische leraar in de beste zin van het woord: intensief bronnenonderzoek, ook blijkend uit literatuurverwijzingen, gaat hier aan het doen van uitspraken vooraf. Die houding zie je terug in zijn reactie, vol onverholen ergernis, op een uitgave van de briefwisseling Vestdijk-Henriëtte van Eyk (2007), waarin bezorger Wim Hazeu ‘volkomen het spoor bijster’ is. Hoogtepunt in de bundel is een lange en diepgaande beschouwing over de cyclus ‘Schlüszli’ van Ida Gerhardt: sprankelende korte gedichten rond een Zwitsers bergdorp (‘Aanvankelijk vierden Ida en Marie hun vakantie vooral in Warffum omdat daar geen toeristen kwamen’). Alle stukken zijn eerder gepubliceerd en bijgewerkt. Zo’n bundeling heeft zin, vooral door stukken over auteurs die je zelf niet gauw meer zult lezen en zo toch weer een plaats krijgen. Nu ken ook ik het ludieke gedicht ‘Pluk de dag’ over een potje Marmite dat Buddingh’ in 1966 ‘onder ongekende lachsalvo’s’ in Carré voordroeg. Het was geruststellend te lezen dat Hermans’ slachtoffer ook dit soort tijden heeft gekend.

Rudi van der Paardt, Over de veelzijdigheid van L.Th. Lehmann en andere Nederlandse auteurs. Bussum: Gooibergpers, 2015. 119 p. € 15 (te bestellen via de auteur r.vdpaardt@planet.nl)
 
| Eerder verschenen in de rubriek 'Schoon & haaks' in De Parelduiker 21 (2016), nr. 1, p. 64.